Publicidade ▼


 » 

dicionario analógico

restreindre (choses abstraites) (fr)[Classe]

factotum (en)[Domaine]

IntentionalProcess (en)[Domaine]

beheersen, checken, controleren, matigen, nagaan, nakijken, nalopen, natrekken, nazienkontrolirati, nadzirati, obuzdati, obuzdavati, suzbijati, suzbiti, suzdržati, suzdržavati, umjeriti, zauzdati[Hyper.]

beknotting, beperking, inperking, limitatie, restrictie, terugdringing, voorbehoudograničavanje, ograničenje, restrikcija, usiljenost - beperking - limiter - boei, harp, keurs, keurslijf, rijglijflanci, okov, okovi, vez - grens, limiet, uiterstegranica, limit, mjera, ogranicenja, ograničenje - begrenzing, beperking, gebondenheid, inperking, restrictie, restriktie, tekortkomingograničenje - beperkingograničenje - grens, grenslijn, grensliniegranica, međa, rub - controller, restrainer (en) - grens, grenslijn, grensliniebrid, granica, rub - limitação (pt) - beperkend, restrictief, restriktiefkoji ograničuje, restriktivan[Dérivé]

beknotten, binden, breidelen, ketenen, knevelen, knotten, kortwieken - tie (en) - gate (en) - een lijn trekkenpostaviti granicu - afbakenen, afgrenzen, afpalen, afperken, afzetten, bebakenen, begrenzen, demarqueren, omlijnen, omschrijven, uitzettenograničavati, ograničiti, označavati, označiti - bedwingen, beheersen, inbinden, inhoudenzauzdati - baffle, regulate (en) - belemmerenograničiti, sputati, sputavati - begrenzen, beknotten, beperken, inperken, limiterenpritegnuti - een einde maken aanpritegnuti - inhibit (en) - aan banden leggen, bedwingen, belemmeren, beteugelen, betomen, bezwaren, inbinden, inhouden, intomen, opkroppen, terughouden, verbijten, weerhoudenobuzdati, obuzdavati, ograničavati, ograničiti, spriječiti[Spéc.]

beperkend, restrictief, restriktiefkoji ograničuje, restriktivan[Qui~]

restriction (fr)[Nominalisation]

beknotting, beperking, inperking, limitatie, restrictie, terugdringing, voorbehoudograničavanje, ograničenje, restrikcija, usiljenost - beperking - limiter - boei, harp, keurs, keurslijf, rijglijflanci, okov, okovi, vez - grens, limiet, uiterstegranica, limit, mjera, ogranicenja, ograničenje - begrenzing, beperking, gebondenheid, inperking, restrictie, restriktie, tekortkomingograničenje - beperkingograničenje - grens, grenslijn, grensliniegranica, međa, rub - controller, restrainer (en) - grens, grenslijn, grensliniebrid, granica, rub - limitação (pt)[Dérivé]

bedwingen (v. trans.) • begrenzen (v. trans.) • beperken (v.) • indammen (v. trans.) • inkrimpen (v. intr.) • inperken (v. trans.) • limiteren (v. trans.) • limitirati (v.) • ograničavati (v.) • ograničiti (v.) • omeđiti (v.) • postaviti granicu (v.) • razgraničiti (v.) • sputati (v.) • sputavati (v.) • terugdringen (v. trans.)

-

 


   Publicidade ▼