Publicidade ▼


 » 

dicionario analógico

action de faire changer de lieu qqch[Classe...]

factotum (en)[Domaine]

Motion (en)[Domaine]

changement de lieu, déplacement[Hyper.]

étalersmeren, uitsmeren, uitstrijken[Nominalisation]

colporter, crier sur les toits, délivrer, répandre, répandre une informationaan de grote klok hangen, bekendmaken, circuleren, in omloop brengen, lanceren, pousseren, rondgaan, rondstrooien, rondvertellen, rondzaaien, rondzeggen, uitdragen, van de daken schreeuwen, verbreiden, verspreiden - circuler, répandrein omloop komen, uitlekken, voortwoekeren - faire courir, répandre, se propager, se répandresmeren, spreiden, uitsmeren, uitspreiden, uitstrijken, uitwrijven, verdelen, verspreiden, verstrijken, voortwoekeren, wrijven - diffuser, propager, répandreom zich heen grijpen, verspreid worden, voortwoekeren, zich uitbreiden, zich verbreiden, zich verspreiden - se déployer, se dissémineroplossen, rondstrooien, verspreiden - disperser, éparpiller, étaler, répandrestrooien, uiteengaan, uiteenjagen, uiteenstuiven, verspreiden, verstrooien, verstuiven - étaler, étendre, proliférersmeren, verbreiden, verspreiden[Dérivé]

diffusion - dispersion, éparpillement - invasioninvasie - irradiation (en) - radiation (en)[Spéc.]

colporter, crier sur les toits, délivrer, répandre, répandre une informationaan de grote klok hangen, bekendmaken, circuleren, in omloop brengen, lanceren, pousseren, rondgaan, rondstrooien, rondvertellen, rondzaaien, rondzeggen, uitdragen, van de daken schreeuwen, verbreiden, verspreiden - circuler, répandrein omloop komen, uitlekken, voortwoekeren - faire courir, répandre, se propager, se répandresmeren, spreiden, uitsmeren, uitspreiden, uitstrijken, uitwrijven, verdelen, verspreiden, verstrijken, voortwoekeren, wrijven - diffuser, propager, répandreom zich heen grijpen, verspreid worden, voortwoekeren, zich uitbreiden, zich verbreiden, zich verspreiden - se déployer, se dissémineroplossen, rondstrooien, verspreiden - disperser, éparpiller, étaler, répandrestrooien, uiteengaan, uiteenjagen, uiteenstuiven, verspreiden, verstrooien, verstuiven - étaler, étendre, proliférersmeren, verbreiden, verspreiden[Dérivé]

diffusion (n.f.) • distributie (n.f.) • étalement (n.m.) • étendue  • reikwijdte  • verbreiding (n.f.) • verspreiding (n.f.)

-

 


   Publicidade ▼